‘Wie is bekend met de verschillende overlevingsstrategieën en weet welke delen vaak het stuur overnemen wanneer het systeem geactiveerd raakt? Als je antwoord ja is, mag je een stap naar het midden zetten. Is je antwoord nee, blijf dan staan waar je nu bent. Ergens er tussenin is ook helemaal oké. Neem vanuit waar je staat een moment om te kijken wie waar is – binnen of buiten de cirkel.’
Vanavond zijn we met zestien deelnemers en twee extra space holders. Deze oefening volgt op een meditatie waarin we eerst bewust met onszelf en ons lichaam verbinden. Eerst naar binnen, dan naar buiten met onze aandacht. Eerst landen in ons eigen systeem, voordat we ons openen naar de ander.
Als facilitator van trainingen en workshops rondom zelfontwikkeling waarin intimiteit en seksuele energie welkom zijn – niet als prestatie, maar als uiting van levensenergie – is dit een cruciaal moment. Niet om mensen te testen, maar om te voelen: hoe geïnformeerd is deze groep over trauma en het eigen zenuwstelsel?
Wanneer veel mensen niet naar het midden stappen, weet ik dat ik extra zorgvuldig moet zijn. Dat het tempo omlaag mag. Dat veiligheid, duidelijke grenzen en herhaling belangrijker zijn dan diepgang of intensiteit.Â
Eén overlevingsstrategie die ik in mijn werk bijzonder vaak tegenkom, is de fawn response. De fawn is moeilijk te herkennen, vaak zelfs voor degene die erin zit. Ook voor anderen, en soms zelfs voor facilitators, blijft deze strategie lang onzichtbaar. Aan de buitenkant lijkt namelijk alles prima: er wordt gelachen, meegedaan, afgestemd, misschien zelfs geflirt. Het oogt licht en ontspannen.
Tot het moment waarop het systeem te ver over de eigen grenzen is gegaan. Dan kan iemand ineens willen wegvluchten, volledig overspoeld raken, of juist verstarren. Geen van deze reacties betekent dat er iets ‘mis’ is. Het zijn signalen van een zenuwstelsel dat te veel tegelijk moet dragen. Mijn taak als facilitator is om tijdens oefeningen – of die nu met een vaste partner zijn of met andere deelnemers – voortdurend te voelen welke energieën aanwezig zijn. Om subtiele signalen op te merken en waar mogelijk triggers te voorzien, zodat ervaringen niet onnodig overweldigend worden. Zo krijgt het systeem de kans om zich langzaam te vernieuwen.
Voorzichtig. In jouw tempo. Op jouw tijd.
Daarom heb ik de beweging die ik jaren geleden ben gestart, gericht op een meer authentieke en traumasensitieve manier van met elkaar verbinden, de Slow Sex Movement genoemd. Een beweging die draait om vertragen, voelen, aanwezigheid, grenzen en echte verbinding. De nadruk ligt op slow. Hoe langzamer we gaan, hoe meer ruimte er ontstaat om te voelen wat er werkelijk in ons leeft: welke innerlijke delen actief zijn, waar kwetsbaarheid schuilt, en welke grenzen misschien lang niet gevoeld zijn.
De tegenpool van de fawn is authenticiteit. Dat is precies wat we samen binnen de workshops die ik faciliteer ontdekken: hoe we eerlijker en echter met onszelf en met elkaar kunnen verbinden. Langzaam, en stap voor stap. Wie op die manier vertraagt en verbindt, ontdekt een nieuwe vorm van intimiteit en beweegt voorbij de fawn, van overleven naar leven.
Katjalisa Reiter
Antropoloog, lichaamsgericht traumatherapeut en grondlegger van de Slow Sex Movement
Meer over Katjalisa
Katjalisa is antropoloog, lichaamsgericht traumatherapeut, heeft een master in Transformational Psychology en is gecertificeerd Voice Dialogue-facilitator. Zij werd opgeleid en begeleid door Robert Stamboliev, oprichter van het Institute of Transformational Psychology (ITP). Katjalisa is de grondlegger van de Slow Sex Movement, waarin intimiteit, seksualiteit en levensenergie worden benaderd vanuit trauma-sensitiviteit, aanwezigheid en vertraging. Momenteel schrijft zij aan een boek over seksuele fantasieën en hoe deze als therapeutisch instrument ingezet kunnen worden. De verschijning van het boek staat gepland voor eind 2026.